‘Omdat goudsbloemen gewoon zijn, maar ze gaan lang mee. Net als echte relaties: eenvoudig, maar duurzaam.’
Adrian keek haar aan.
‘En wat als een relatie verbroken is?’
Ze keek hem recht in de ogen – zonder angst, zonder afstand.
« Dan kan het opnieuw geplant worden, als beide partijen dat willen. »
De dagen verstreken.
Adrian begon de stad elke week te bezoeken – altijd met een excuus.
Maar ze kenden allebei de waarheid.
Langzaam maar zeker werd de bakkerij zijn tweede thuis.
Hij hielp met het kneden van deeg, serveerde thee aan klanten en zat ‘s avonds op het bankje te kijken naar de spelende kinderen.
De stadsbewoner was verdwaald in de eenvoud van het dorp.
Hij had geen gouden horloges meer nodig – alleen de tijd die langzaam voorbijging naast Ana.
Op een dag hing er een poster buiten de bakkerij:
« Driejarig jubileum – gratis snoep voor iedereen! »
Mensen stroomden toe, gelach vulde de lucht.
En in de menigte zag Ana Adrian een klein doosje vasthouden.
‘Wat is dat?’ vroeg ze.
‘Niets,’ zei hij zachtjes. ‘Gewoon een klein cadeautje voor je bakkerij.’
In de doos zat een gedroogde goudsbloemenkrans, en daaronder een brief:
‘Jij hebt rust in mijn leven gebracht.
Nu wil ik stabiliteit in het jouwe brengen.
Als je het daarmee eens bent, laten we dan opnieuw beginnen –
niet als werkgever en dienstmeisje,
maar als twee mensen die elkaar begrijpen.’
De tranen rolden over Ana’s wangen, maar haar glimlach bleef –
zacht, oprecht, onbetaalbaar.
‘Denk je dat ik nog steeds iets van je wil?’ vroeg ze.
Adrian schudde zijn hoofd.
« Ja… deze keer wil ik dat je het echt wilt,
want alles wat ik je nog kan bieden is mijn hart. »
Die avond, toen de zon onderging en lantaarns het dak van de bakkerij verlichtten,
vulden gelach, kinderstemmen en warme geuren de lucht –
het begin van een nieuw verhaal.
Adrian en Ana zaten samen en keken uit over de heuvels in de verte.
Ana fluisterde:
« Ik had nooit gedacht dat iemand mijn bloemen zo goed zou begrijpen. »
Adrian glimlachte.
« En ik had nooit gedacht dat iemand mijn stilte zo volledig zou kunnen vullen. »
Ze lachten.
Sterren verschenen boven hen, als getuigen van een stille belofte.
En die nacht, na jaren, zei Adrian eindelijk:
« Ik denk dat ik nu echt kan slapen. »
Ana antwoordde zachtjes:
« Omdat je niet langer alleen bent. »
Een bordje hing aan het raam van de bakkerij:
Goudsbloem – waar alle zoetheid voortkomt uit de waarheid.
Men zegt dat de zoetigheden daar anders smaken –
misschien omdat elke hap
een beetje vergeving,
een beetje hoop
en heel veel liefde bevat.
En daar, in dat rustige heuvelstadje,
bewezen Adrian en Ana dat soms
de eenvoudigste bloem
genoeg is om zelfs het rijkste hart te ontroeren.